“Zachte heelmeesters maken stinkende wonden.” We kennen dit spreekwoord allemaal. Toch merken wij in ons werk binnen participatie en strategisch omgevingsmanagement hoe lastig het is om in gesprekken over de leefomgeving eerlijk te zijn — zeker als de boodschap ongemakkelijk is.
Een duidelijke boodschap kan emoties losmaken of weerstand oproepen bij betrokkenen. Dat vinden we spannend. De vraag is: wie beschermen we eigenlijk als we om de waarheid heen draaien? De ander — of vooral onszelf?
De reflex om te sussen
In gesprekken met bewoners of belanghebbenden draait alles om vertrouwen. Toch zien we bestuurders of projectleiders vaak aarzelen zodra een boodschap ingewikkeld of onaangenaam wordt. Dan gebeurt er iets heel menselijks. We proberen de boel te sussen. We draaien eromheen, stellen gerust of zeggen niets. Alles om het gesprek rustig te houden.
Want wie wil degene zijn die slecht nieuws brengt? Die de boze blikken vangt of de kritische vragen over zich heen krijgt? Maar laten we eerlijk zijn: eromheen draaien richt uiteindelijk meer schade aan dan het ongemak van een eerlijk gesprek.
Waarom we liever zwijgen
De psychologie verklaart dit gedrag goed. We vermijden het brengen van slecht nieuws omdat we bang zijn voor de emotionele reactie van de ander. Dit heet truth avoidance. We denken dat we de relatie beschermen, terwijl we in werkelijkheid vooral onszelf beschermen tegen ongemak.
Binnen organisaties krijgt dat gedrag een naam: organizational silence. Mensen zwijgen liever dan dat ze een impopulaire waarheid vertellen. Maar die stilte is zelden onschuldig.
Vaagheid wekt wantrouwen
Het voelt misschien veiliger om niets te zeggen, maar die veiligheid is schijn. Mensen kunnen vaak veel meer aan dan we denken — zolang je ze maar eerlijk en respectvol benadert. Onderzoek laat zien dat duidelijkheid grip geeft. Vaagheid daarentegen schept wantrouwen.
Zodra mensen het gevoel krijgen dat er iets achtergehouden wordt, vullen ze zelf in wat er speelt. En dat is meestal erger dan de werkelijkheid. Zo horen we regelmatig uitspraken als:
“Ze zeggen dat alles nog openligt, maar we voelen dat het al beslist is.”
“Ze doen alsof we mogen meedenken, maar ze luisteren niet echt.”
De olifant in de kamer
Ook binnen projectteams hangt er vaak iets in de lucht. Een waarheid die iedereen aanvoelt, maar niemand uitspreekt. De spreekwoordelijke olifant in de kamer.
Juist in zulke overleggen is het cruciaal dat iemand het lef heeft om die spanning bespreekbaar te maken. Niet om te beschuldigen, maar om ruimte te scheppen voor een eerlijk gesprek. Het vraagt moed om uit te spreken wat iedereen voelt maar niemand zegt — maar juist dáár ligt vaak de sleutel tot onderling begrip en besluiten die echt gedragen worden.
Wat er gebeurt als we wél eerlijk zijn
Wij zien keer op keer: hoe groot of ongemakkelijk de waarheid ook is, het gesprek wordt pas écht zodra we die spanning niet langer ontwijken. Mensen halen opgelucht adem als blijkt dat ze niet de enige zijn die iets voelt of vermoedt. En ja, dat leidt soms tot stevige gesprekken. Maar het zijn wél gesprekken die ertoe doen.
Want hoe groot de olifant ook is — hij wordt altijd groter als we doen alsof hij er niet staat.
Eerlijkheid is spannend maar nodig
Niemand loopt graag een zaal in om een boodschap te brengen waarvan je weet dat hij weerstand oproept. Maar zachte heelmeesters maken stinkende wonden — ook in communicatie.
Mensen verdienen het om als volwassenen benaderd te worden. Niet om hen te kwetsen, maar om hen serieus te nemen. Eerlijkheid is misschien spannend, maar het is de enige weg naar vertrouwen en samenwerking.
Dus laten we stoppen met sussen — en beginnen met echt praten.
Wil jij ondersteuning in het faciliteren van het eerlijke gesprek met jouw omgeving? Neem contact op via het formulier of bel ons. We denken graag met je mee.